(De exacte grootte hangt af van de soort.)
Padden zijn carnivoren (vleeseters). Ze eten vooral:
Padden jagen meestal ’s nachts.
Padden zijn erg flexibel en leven in veel verschillende gebieden, zoals:
Ze hebben water nodig om zich voort te planten, maar leven het grootste deel van hun tijd op het land.
Padden komen voor op:
Ze komen niet van nature voor op Antarctica en Australië
(De rietpad is daar wel door mensen geïntroduceerd.)
Wanneer je langs een sloot wandelt, door een moerasgebied trekt of in de avonduren bij een tuinvijver staat, is de kans groot dat je ze tegenkomt: padden. Deze herkenbare amfibieën, die wetenschappelijk tot de familie Bufonidae behoren, maken al sinds mensenheugenis deel uit van onze natuurlijke omgeving. Hoewel ze vaak in één adem worden genoemd met kikkers, vormen padden een unieke groep met hun eigen fascinerende kenmerken en levenswijze.
Op het eerste gezicht lijken padden sprekend op kikkers, maar wie beter kijkt, ziet direct de verschillen. Het meest opvallende kenmerk is hun ruwe, wrattige huid, die hen een robuust en soms zelfs wat “stoer” uiterlijk geeft. In tegenstelling tot de gladde, glimmende huid van de kikker, is de huid van een pad droger en bedekt met bobbeltjes.
Helaas hebben padden hierdoor ook een wat negatief imago opgebouwd; veel mensen vinden ze er “vies” of onaantrekkelijk uitzien. Niets is echter minder waar. Padden staan juist bekend om hun nuttige rol in de natuur en hun bijzondere verdedigingsmechanismen, zoals de gifklieren achter hun ogen die hen beschermen tegen hongerige roofdieren.
Maar wat doet een pad eigenlijk de hele dag? Hun leven in het wild is een voortdurende reis tussen land en water. Hoewel ze hun eieren in het water leggen – de bekende lange snoeren paddendril – brengen ze het grootste deel van hun volwassen leven op het droge door. Het zijn echte nachtbrakers die zich overdag schuilhouden onder stenen of bladeren, om ’s nachts op jacht te gaan naar insecten, slakken en wormen.
1 Pad
2 Toad
3 kröte
4 crapaud
5 rospo
6 sapo
7 sapo
8 ヒキガエル ( Hiki-gaeru )
9 蟾蜍 ( Chánchú )
10 두꺼비 ( Du-tteobi )
11 Tudse
12 Padda
13 Padde
14 Rupikonna
Rupikonna betekent “Gewone pad” in het Fins
15 Karta